Met welk advies brengen we onze patiënten in beweging?

Geplaatst op: 13 september 2022

‘Zorg dat u elke dag beweegt’. Het is een advies dat we dagelijks geven aan onze patiënten: in de kliniek of op de poli. Bewegen is goed voor iedereen, ook voor mensen die revalideren. Maar komen patiënten met dit algemene advies ook echt in beweging? Of kunnen we hen een beter advies geven? Deze vragen staan centraal in het onderzoek van senior-onderzoeker Aleid de Rooij en haar team dat bij twee afdelingen van Basalt plaatsvindt. “De patiënten zijn enthousiast over dit onderzoek en denken graag mee.”

“We weten uit praktijkervaring én uit wetenschappelijk onderzoek dat mensen met een beperking minder sporten en bewegen dan mensen zonder een beperking”, vertelt Aleid die het onderzoeksprogramma Basalt In Beweging leidt. “En dat is te begrijpen. Als je na een beroerte opeens in een rolstoel terecht komt of minder goed kan bewegen, dan is dat dagelijkse wandelingetje dat je gewend was niet meer vanzelfsprekend. Ook zien we dat mensen, die wachten op een beenamputatie, voor de operatie al minder gaan bewegen. De (lichamelijke) beperkingen zorgen tijdens de revalidatie voor deze patiënten voor nieuwe uitdagingen. Want hoe doe je dat, bewegen, met een beperking?”

Hoe vaak en hoeveel beweegt de patiënt?

“We geven patiënten een heel algemeen advies: ‘Blijf in beweging’. We willen toe naar een specifieker advies. We weten dat dan de kans groter is dat je patiënten voor lange duur in beweging krijgt”, aldus Aleid. “Als je wilt dat patiënten meer bewegen, dan moet je ook weten hoeveel ze bewegen en wat bijdraagt aan beweging of juist niet. Daarom onderzoeken we op twee afdelingen, Amputatie en CVA, en op twee locaties, Den Haag en Leiden, hoe vaak en wanneer patiënten bewegen. We brengen het beweeggedrag van een patiënt in kaart op een reguliere revalidatiedag. We willen weten hoeveel en wanneer een patiënt beweegt tussen 7.00 en 22.00 uur. Dat doen we met sensoren op het lichaam en, als dat van toepassing is, met sensoren op de rolstoel. We willen daarnaast ook weten wat de context van het bewegen is. “Met wie bewegen patiënten en waar doen ze dat?” Tijdens deze meetdag wordt de patiënt daarom ook geobserveerd door studenten fysiotherapie die getraind zijn in het doen van observaties. Zij schrijven drie keer per uur hun bevindingen. En tot slot vindt er de volgende dag een interview met de patiënt plaats.”

 

“Er wordt weinig onderzoek gedaan naar revalidatie van mensen met een amputatie. Daarom werken we als afdeling graag mee aan dit onderzoek. Wij zien dat mensen met een amputatie wel bewegen tijdens de therapie, maar op de afdeling zelf eerder de rolstoel pakken, dan de prothese aandoen om daar een stukje mee te lopen. Dat is jammer, want uit ervaring weten we dat patiënten met een amputatie veel meer kunnen dan ze vlak na een operatie denken. Hoe kunnen we hen op de afdeling meer in beweging brengen? Hoe kunnen we hun helpen hun kracht en belastbaarheid goed te benutten? En wat speelt er in hun hoofd af? Bewegen ze niet omdat ze pijn hebben of is het het ongemak van de prothese? Antwoorden op die vragen helpen ons deze patiënten beter te ondersteunen tijdens de revalidatie.”

Tanja Duijvestijn, verpleegkundige en coördinator afdeling Orthopedie

Waarom bewegen?

Dat interview is belangrijk om meer te weten te komen over de redenen waarom patiënten wel of niet bewegen. Misschien zijn er lichamelijk oorzaken om niet te bewegen zoals moeheid of pijn. Of voelen zich onzeker en hebben ze minder vertrouwen in hun lichaam? Ontbreekt het aan motivatie of missen ze iemand om samen mee te bewegen? Die context hopen we met de interviews te achterhalen.”

Praktische tips

Aleid merkt dat patiënten het heel leuk vinden om mee te doen met het onderzoek. “Bij de afdeling Amputatie hebben we inmiddels 14 patiënten onderzocht. Bij CVA starten we in september. Tijdens het interview krijgen de patiënten de resultaten van de meetdag te horen. Dat vinden ze leuk. En ze vinden het fijn om hun ervaringen te vertellen en hebben ook tips voor interventiemogelijkheden. ‘Waarom wordt de koffie gebracht?’ vroeg een patiënt bijvoorbeeld. “Als ik die zelf haal, dan zet ik alweer een aantal stappen. Dat zou ik best wel willen’ Die tips zijn voor ons heel waardevol om te verzamelen. Uiteindelijk willen we onze inzichten uit het onderzoek delen met de behandelaars op de werkvloer om samen te komen tot een beter beweegadvies en behandeling voor onze patiënten.”

“Ik heb als arts-assistent in opleiding (aios) de patiënten van de afdeling Amputatie uitleg gegeven over het onderzoek en gevraagd of ze mee wilden doen. Nu doe ik hetzelfde bij de afdeling CVA. Ik vind het onderzoek zeer relevant. Het zijn namelijk patiënten voor wie bewegen plotseling niet meer vanzelfsprekend is. Ze moeten anders leren bewegen en soms doet bewegen pijn. We geven nu tijdens therapie al gerichte bewegingsadviezen. Maar hoe kunnen we patiënten buiten de therapie om het beste stimuleren om te bewegen? Ik ben positief verrast over hun reacties. Deze patiënten hebben best een en ander aan hun hoofd én je vraagt met zo’n onderzoek ook best wat van ze. Maar de meeste patiënten waren enthousiast en wilden graag meedoen. Vooral om toekomstige patiënten te helpen. Ik ben erg benieuwd naar de resultaten.”

 Merel Italianer, aios, afdeling CVA

Bijzonder aan dit onderzoek is ook dat beweegactiviteiten van mensen in een rolstoel worden gemeten. “Dat is nieuw en valideren we tijdens een parallel lopend onderzoek ”, vertelt Aleid. "Dit onderzoek hebben we opgezet in samenwerking met De Haagse Hogeschool. De onderzoeken duren tot eind van het jaar. We zullen de resultaten van het onderzoek delen met de teams van de twee afdelingen en met Basalt. Ook zullen we de resultaten gebruiken om samen met het behandelteam van CVA een interventie te ontwikkelen die patiënten voor lange tijd in beweging brengt”, schetst Aleid gevraagd naar het eindresultaat. “Die samenwerking met de praktijk maakt het onderzoek ook extra leuk om te doen. De redenen dat we ons in het onderzoek eerst op CVA richten zijn dat we daar al heel veel ervaring mee hebben en we ons moeten beperken om het onderzoek uitvoerbaar te houden. Wat we echter ontwikkelen samen met CVA kan voor andere afdelingen (zoals patiënten met een amputatie) weer als voorbeeld dienen Dan kunnen we ook de kennis die we hebben opgedaan bij amputatie weer inzetten. We willen als onderzoekers immers dat onze adviezen de zorgpraktijk ook echt verbeteren.”

Meer weten?

Wil je meer weten over deze onderzoeken? Neem dan contact op met Aleid de Rooij, A.deRooij@basaltrevalidatie.nl.

Basalt in Beweging

Het projectteam Basalt in Beweging (BIB) bestaat uit: Monique Berger, Jorit Meesters, José van der Meulen, Aleid de Rooij, Lisenka te Lindert, Desi Meiland, Ȧsa Mennema, Karen van de Oever, Japhet van Abswoude en Félicie van Vree.

Basalt in Beweging werkt samen met De Haagse Hoogeschool, de Leidse Hogeschool en het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).


Deel dit bericht:




Terug
 
Basalt gebruikt cookies

Wij, en derde partijen, maken op onze website gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies voor het bijhouden van statistieken (de cookies van Google Analytics zijn volledig geanonimiseerd), en om voorkeuren op te slaan. U kunt zelf bepalen welke cookies u wilt toestaan. Houd er rekening mee dat op basis van uw instellingen mogelijk niet alle functies van de website beschikbaar zijn.

Cookie-instellingen

Functionele cookies helpen een website bruikbaarder te maken, door basisfuncties als paginanavigatie en toegang tot beveiligde gedeelten van de website mogelijk te maken. Zonder deze cookies kan de website niet naar behoren werken. 

Analytische cookies helpen eigenaren van websites begrijpen hoe bezoekers de website gebruiken, door anoniem gegevens te verzamelen en te rapporteren.

Externe media cookies worden gezet door derden zoals Youtube. Met deze cookies kan Google uw internetgedrag volgen. Deze cookies zijn noodzakelijk om Youtube video's te kunnen bekijken op de website.

Selecteer hieronder welke cookies geplaatst mogen worden op uw computer.

Uw cookie-voorkeuren zijn bewaard.